Op 22 mei 2026 publiceerde de Erasmus School of Health Policy & Management (ESHPM) in samenwerking met Alzheimer Nederland het rapport "Impact van dementie — Een kostenanalyse van de inzet en kosten rondom mensen met dementie en hun naasten". Voor het eerst is de totale maatschappelijke prijs van dementie in Nederland in kaart gebracht. De uitkomst: bijna € 32 miljard per jaar. In dit artikel lichten we de belangrijkste cijfers uit het rapport toe — en kijken we waar technologie in de zorg, zoals de BrainTrainerPlus, het verschil kan maken.
De onbekende rekening van dementie
Tot nu toe sprak de discussie over "de kosten van dementie" vooral over zorgdeclaraties: huisarts, ziekenhuis, langdurige zorg. ESHPM-hoogleraar Robbert Huijsman en het team van Alzheimer Nederland besloten verder te kijken. Niet alleen naar de zorg, maar naar het hele rimpeleffect dat dementie veroorzaakt — van de persoon zelf, naar de partner en kinderen, naar de buurt, de gemeente, de werkgever en uiteindelijk het hele land.
Dementie is inmiddels de grootste doodsoorzaak in Nederland en zal richting 2050 dominant blijven in sterfte en ziektelast. Belangrijk: een groot deel van die rekening zit niet in de zorg, maar bij gezinnen, werkgevers en gemeenten. Beleid dat alleen op zorguitgaven stuurt, verplaatst dus de last in plaats van hem op te lossen.
Waar gaan die € 31,8 miljard naartoe?
Het rapport rekent de kosten toe aan vier "blokken":
| Kostenblok | Bedrag (€ mld) | Aandeel |
|---|---|---|
| Mantelzorg, WIA en werkgeverskosten | 11,7 | 37 % |
| Zorgvoorzieningen (ZVW + WLZ incl. verpleeghuis) | 16,1 | 50 % |
| Gemeenten, WMO en vrijwilligers | 2,5 | 8 % |
| Eigen kosten van mensen met dementie | 1,3 | 4 % |
| Onderzoek, campagnes en opleidingen | 0,3 | 1 % |
| Totaal | 31,8 | 100 % |
- 16,1 mld · Zorgvoorzieningen (ZVW + WLZ) (50 %)
- 11,7 mld · Mantelzorg, WIA en werkgever (37 %)
- 2,5 mld · Gemeenten / WMO / vrijwilligers (8 %)
- 1,3 mld · Eigen kosten (4 %)
- 0,3 mld · Onderzoek / opleidingen (1 %)
Twee dingen vallen op. Ten eerste: mantelzorg alleen al staat voor € 10,7 miljard aan in euro's gewaardeerde tijd (waarvan € 9,6 miljard bij thuiswonende mensen met dementie). Dat is meer dan het totale budget van veel ministeries. Ten tweede: meer dan een kwart van de mensen met dementie woont in een verpleeghuis maar verpleeghuiszorg alléén kost al € 8,8 miljard per jaar.
Het rimpeleffect: wie betaalt er écht?
ESHPM gebruikt het beeld van een steen in een vijver. De impact rimpelt uit vanaf de persoon met dementie naar steeds bredere kringen:
- Micro — de persoon en het gezin. Eigen reiskosten, gederfd inkomen, eigen risico, technologie thuis en — vooral — de tijdsinzet van partner en kinderen.
- Meso — buurt en gemeente. WMO-maatwerkvoorzieningen, hulp in het huishouden, hulpmiddelen, vrijwilligerswerk in het sociaal domein.
- Macro — het collectieve systeem. Zorgverzekeringswet (ZVW), Wet Langdurige Zorg (WLZ), onderzoek en onderwijs.
Alzheimer Nederland waarschuwt expliciet in de bijlage van het rapport: "Kosten verdwijnen niet wanneer ergens wordt bezuinigd, ze verschuiven." Een besparing in het verpleeghuis pompt de druk op naar de mantelzorger thuis. Een bezuiniging op de WMO pompt de druk op naar het sociaal netwerk in de buurt.
De midden-fase is de duurste — en de meest beïnvloedbare
Het rapport rekent de € 31,8 miljard tentatief toe aan de drie fasen van dementie. Twee-derde van álle dementie-kosten zit in de midden-fase:
Fase 2 (midden) draagt 66 % van alle maatschappelijke kosten.
Twee-derde van álle dementie-kosten zit in de midden-fase. Dat is precies de fase waarin iemand nog thuis woont of net naar een woonzorglocatie of dagbesteding gaat. De fase waarin de combinatie van oplopende zorgvraag, nog-thuis-situaties, coördinatie en werk/privé-spanning het zwaarst drukt op het netwerk.
Het is ook de fase waarin zinvolle dagactiviteit, structuur in de dagindeling en geheugenstimulatie het grootste effect hebben — niet om dementie te genezen, want dat kan niet, maar om de gebruiker zo lang mogelijk competent en betrokken te houden. Precies dat is de bestaansreden van de BrainTrainerPlus.
De technologie-paradox: een fooi tegenover een berg
En dan komt het meest opvallende cijfer uit het hele rapport. Van die € 31,8 miljard wordt slechts € 4,6 miljoen per jaar uitgegeven aan technologische hulpmiddelen voor thuiswonende mensen met dementie. Dat is 0,014 % van het totaal — een rondingsfout.
ESHPM keek welke technologie thuiswonende mantelzorgers daadwerkelijk inzetten:
| Technologie | % thuiswonenden dat gebruikt |
|---|---|
| Hulp bij dagstructuur (digitale agenda) | 18 % |
| GPS-tracker | 17 % |
| Spellen / geheugentrainer | 11 % |
| Videobellen | 5 % |
| Coachende technologie | 4 % |
% thuiswonenden — bron: ESHPM, mei 2026
Slechts 11 % van de thuiswonende mensen met dementie gebruikt een vorm van geheugen-stimulerende technologie. De overige 89 % niet. Daar zit een enorme onbenutte ruimte — zeker als je bedenkt dat:
"Technologie thuis is daarmee één van de weinige investeringen in harde euro's die domeinoverstijgend gemaakt worden." — ESHPM-rapport, p. 21
Vertaald: een euro die geïnvesteerd wordt in goede technologie levert tegelijkertijd kwaliteit van leven voor de cliënt, ontlasting voor de mantelzorger en uitstel van zwaardere zorg. Dat is, in de woorden van het rapport, "de kost gaat voor de baat uit".
Wat Alzheimer Nederland concreet vraagt
In de bijlage formuleert Alzheimer Nederland drie oplossingsrichtingen. Op twee daarvan sluit de inzet van een apparaat als de BrainTrainerPlus direct aan:
1. Vergroot de zelf- en samenredzaamheid. Letterlijk uit het rapport: "toegankelijke en betrouwbare technologische hulpmiddelen die mantelzorgers ondersteunen". Een dagelijkse training op de BrainTrainerPlus geeft de gebruiker structuur en succeservaring. De mantelzorger of begeleider krijgt tegelijkertijd letterlijk lucht — minuten tot uren per dag.
2. Passende zorg op het juiste moment. "Het ontwikkelen, doorontwikkelen en implementeren van helpende technologie en informatie die tijd bespaart. Enerzijds door het slimmer inzetten van beschikbare mensen én door tijd te besparen doordat technologie taken overneemt." Dat is, op kleinere schaal, exact wat de BrainTrainerPlus doet op een afdeling: een vaste, herkenbare activiteit waar zonder permanente begeleiding zinvolle dagbesteding plaatsvindt.
Wat betekent dit voor zorginstellingen en dagbestedingen?
We zien drie concrete consequenties van het ESHPM-onderzoek voor iedereen die werkt met cliënten met dementie, NAH of een andere cognitieve uitdaging.
1. Iedere geïnvesteerde euro in goede zorg-technologie is een hefboom
Tegen € 16 miljard aan jaarlijkse formele zorg en € 11 miljard aan mantelzorg-druk is een investering van enkele duizenden euro's per afdeling in een vast cognitief-activerend apparaat verwaarloosbaar. Maar het effect — minder onrust op de groep, langere mantelzorger-houdbaarheid, hogere bewonertevredenheid — slaat domein-overstijgend neer.
2. Focus je interventie op fase 2
De midden-fase carrieert 66 % van de maatschappelijke kosten. Daar zit ook het grootste verschil tussen "moeilijke dag" en "goede dag" voor de bewoner. Geheugentraining, persoonlijke quiz, levensverhaal-boek en samen muziek luisteren werken in deze fase aantoonbaar; in de late fase verschuift het zwaartepunt naar comfort en herkenning, in de vroege fase naar preventie en leefstijl.
3. Mantelzorgers zijn de stille bottleneck — geef ze concrete tools
Het rapport laat zien dat één persoon met dementie thuis gemiddeld door 2,6 mantelzorgers wordt geholpen. Het uitvalsrisico is hoog: minder werken, ziekteverzuim, soms WIA. Een apparaat dat de bewoner een uur lang zelfstandig betrokken houdt — op het juiste niveau, zonder faalervaring — is niet alleen activiteit, het is ademruimte voor het hele systeem.
Hoe de BrainTrainerPlus aansluit op deze drie punten
Zonder hier in productpraat te vervallen: de BrainTrainerPlus is ontwikkeld vanuit precies dit inzicht. Een vast, robuust touchscreen-apparaat met meer dan 30 spellen, een eigen-quiz-module en een levensverhaal-functie. De moeilijkheidsgraad past zich automatisch aan het niveau van de speler aan, zodat er altijd een succeservaring is. De BrainTrainerPlus wordt op dit moment ingezet bij tientallen verpleeghuizen verspreid door het land — en is daarmee een onderdeel van de "toegankelijke technologische hulpmiddelen" waar Alzheimer Nederland om vraagt.
Tot slot: niet later, maar nu
We sluiten af met een citaat dat Alzheimer Nederland zelf gebruikt in de conclusie van het rapport:
"De opgave is daarom helder: niet later, maar nu handelen. Anders lopen zorg, ondersteuning en de samenleving vast."
Het ESHPM-rapport vertelt ons hoe enorm de optelsom is — € 31,8 miljard — en hoe verwaarloosbaar klein de huidige investering in cognitieve zorgtechnologie nog is. Iedere afdeling die vandaag een proefplaatsing aanvraagt, zorgt dat de eerste euro's slim worden besteed. Daar wint iedereen bij: de bewoner, de mantelzorger, het zorgteam en — uiteindelijk — de samenleving als geheel.
Meer weten of zelf ervaren?
Vraag hieronder een gratis proefplaatsing van 30 dagen aan, of stel uw vraag direct. Inclusief introductietraining voor uw zorgteam. Geen verplichting, geen kosten — we nemen binnen één werkdag contact op.
Bron
Huijsman, R., Bekkenkamp, D., Otten, V. e.a. (mei 2026). Impact van dementie — Een kostenanalyse van de inzet en kosten rondom mensen met dementie en hun naasten. Erasmus School of Health Policy & Management (ESHPM), in samenwerking met Alzheimer Nederland. 60 pagina's.

